Geschiedenis De stadhouders van Friesland

En door wie ze zijn benoemd.


    Door de Saksen:
  • 1498-1500: Willibord van Schaumburg
  • 1500-1504: Hugo van Leisenach (of Leisnig)
  • 1504-1506: Willem Truches von Waldburg
  • 1506-1509: Hendrik, graaf van Stolberg en heer van Wernigerode
  • 1509-1515: Everwijn, graaf van Bentheim

    Door de BourgondiŽrs:
  • 1515-1517: Floris van Egmond, heer van IJsselstein
  • 1517-1521: Willem, vrijheer van Roggendorf
  • 1521-1540: George Schenck van Toutenburg
  • 1540-1548: Maximiliaan van Egmond, graaf van Buren
  • 1548-1568: Johan van Ligne, Graaf van Aremberg
  • 1568-1572: Charles de Brimeu, Graaf van Megen
  • 1572 : Gilles van Barlaymont, heer van Hierges
  • 1573-1576: Caspar de Robles, heer van Billy

    Door de Staten-Generaal:
  • 1576-1580: George van Lalaing, Graaf van Rennenberg
  • 1580-1584: Willem I van Oranje (Van Spaanse zijde werd benoemd FranÁois Verdugo 1580-1594)

    Door de Friese Staten:
  • 1584-1620: Willem Lodewijk
  • 1620-1632: Ernst Casimir
  • 1632-1640: Hendrik Casimir I
  • 1640-1664: Willem Frederik
  • 1664-1696: Hendrik Casimir II
  • 1696-1711: Johan Willem Friso
  • 1711-1751: Willem II (IV)
  • 1751-1795: Willem III (V)

Bron: Encyclopedie van Friesland (Elsevier) en Steemers.