De bekendste huizen

Het achterhuis

 

  1. Achterhuis, ook wel Anne Frankhuis genoemd: het huis waar Anne Frank aan het begin van de oorlog ondergedoken zat en haar dagboek schreef. Het is een zogeheten achterhuis, gebouwd achter het huis aan de grachtkant: Prinsengracht, nummer 263, tussen de Westermarkt en de Leliegracht.
  2. Catshuis: de ambtswoning van de minister-president in het park Zorgvliet in Den Haag. Oospronkelijk het landgoed, Sorghvliet geheten, van de raadpensionaris en dichter Jacob Cats, die er in 1652 ging wonen en er acht jaar later overleed. De staat kocht het huis in 1961. Slechts drie premiers hebben er daadwerkelijk gewoond: Marijnen (1963-1965, Cals (1965-1966) en De Jong (1967-1971). Hun opvolgers gebruikten het als logeeradres en voor ontvangsten.
  3. Maagdenhuis: het bestuursgebouw van de Universiteit van Amsterdam aan het Spui, vooral bekend van de bezetting door studenten in mei 1969. Het was oorspronkelijk een meisjesweeshuis, vandaar de naam, gebouwd tussen 1783 en 1787 naar ontwerp van Abraham van der Hart. Voor het in handen kwam van de universiteit was er een bank in gevestigd.
  4. Schröderhuis, ook wel het Rietveldhuis, ook wel het Rietveld-Schröderhuis genoemd: het huis (uit 1924) dat de architect Gerrit Rietveld (1888-1964) bouwde met de binnenhuisarchitecte Truus Schröder-Schräder aan de Prins Hendriklaan 50 in Utrecht.
  5. Wooldhuis: het huis aan de boulevard in Vlissingen dat de architect D. Roosenburg in 1932 bouwde voor de burgemeester van Vlissingen, C.A. van Woelderen.
  6. Witte Huis: de eerste Nederlandse wolkenkrabber (elf verdiepingen hoog, 45 meter), gelegen aan de Wijnhaven in Rotterdam. Lange tijd was het Witte Huis, in 1897 gebouwd door W. Molenbroek, het hoogste gebouw van Europa.

Bron: Houstry, de geschiedenis van gebouwen

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.